Van Spaendonck 100 jaar

“Neem jezelf vooral niet te serieus”

Annemarie Jorritsma

Eerste Kamerlid voor de VVD
  • Politica
  • Compromissen
  • Zelfrelativering
Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
12-02-2019

Annemarie Jorritsma is formeel met pensioen. Omdat ze niet het type mens is om stil te zitten, is ze één dag in de week in de Eerste Kamer te vinden als VVD fractielid. Daarnaast doet ze een aantal commissariaten en een voorzitterschap. Door de week is ze druk, de weekenden zijn meestal vrij.

Volgens politicus Annemarie Jorritsma gaat het goed met Nederland. “We zijn alleen zeurpieten geworden.” Dit komt volgens haar onder meer door de wereldsituatie en de digitalisering. “Denk aan de witte testosteronmannen als Trump, Erdogan en Poetin. Deze heren veroorzaken veel onrust in de wereld,” vindt ze en gaat verder: “Mensen worden ook onrustig door social media. Allerlei nieuws en fake nieuws gaat snel het land door en richt al schade aan voordat het echte verhaal een kans krijgt. Sterker nog: veel mensen zien het echte verhaal niet meer omdat ze de krant minder lezen en het nieuws op tv amper meer kijken. Daardoor krijgen ze geen achtergrondverhalen mee. Onzin stijgt hierdoor tot grote hoogte. Doordat de pers en de politiek hier nog geen antwoord op hebben, zie je krachten ontstaan waarbij de flanken populairder worden en de partijen die het waar moeten maken minder populair. Dit leidt tot ingewikkelde constructen om nog een beetje te kunnen regeren.”

Goed voorbereid
Door de internationale ontwikkelingen en de digitalisering vindt Annemarie het een ingewikkelde tijd. “We zitten politiek in een transitietijd, maar economisch gaat het fantastisch. Zeker in vergelijking met andere landen doen we het enorm goed. Zo is de werkgelegenheid fors gestegen en hebben we zelfs weer kraptes op de arbeidsmarkt. Daar word ik vrolijk van. We moeten nadenken hoe we alle vacatures ingevuld krijgen. Hoe kunnen we meisjes en vrouwen de kant van de techniek en de zorg op laten gaan in plaats van naar kantoorbanen die er minder komen? We moeten erover nadenken hoe we dit structureel goed kunnen aanpakken.” Er zullen ongetwijfeld momenten komen dat het economisch minder gaat, maar Annemarie denkt dat het niet zo erg meer wordt als aan het begin van de vorige crisis. “We hebben veel hervormd en zijn nu veel beter voorbereid.”

Voedingsbodem voor innovatie
Op de vraag hoe we in haar ogen Nederland nóg verder zouden kunnen brengen, zegt ze resoluut: “Minder mensen in deeltijd. Naast vijf dagen, is wat mij betreft vier dagen ook voltijd. Daarmee kunnen de meeste mensen over het algemeen een inkomen verwerven waarmee ze economisch zelfstandig kunnen zijn. Hierdoor hebben meer mensen een baan, hebben we minder tekorten in de zorg en het onderwijs en het zorgt bovendien voor meer vrijheid en gelijkwaardigheid. Waardoor meer vrouwen aan het werk komen en daarmee meer kansen hebben om richting de top door te stromen. Kortom: Een vierdaagse werkweek is overal goed voor. We moeten ophouden om trots te zijn op ‘Nederland parttime land’.”

Verder moeten we volgens haar zorgen voor innovaties om lastige problemen rondom klimaat en digitalisering op te lossen. Nederland moet een goede voedingsbodem blijven voor innovatie. “We hebben een tamelijk intensieve samenwerking tussen universiteiten, overheden en bedrijven, maar dat kan altijd beter.”

Keuzevrijheid
De publiek-private samenwerking kan volgens de oud-minister Van Verkeer en Waterstaat (Kabinet Kok I) en minister van Economische Zaken/vicepremier (Kabinet Kok II) veel beter. Marktwerking heeft helaas een beetje een vieze smaak gekregen. Ik noem het liever keuzevrijheid. Je moet altijd goed nadenken voordat je mensen afhankelijk maakt van een monopolist, ofwel de overheid. Als je toch enigszins kunt kiezen tussen verschillende aanbieders, dan moet dát wat mij betreft de voorkeur hebben. Deze vrijheid van keuze levert betere garanties op voor kwaliteit. Als je namelijk niet zeker bent van je klandizie doe je beter je best dan als ze toch wel komen. Simpel zat.”

Dat vraagt om samenwerking en dat is wat haar betreft lang niet zo moeilijk als het soms lijkt. “Als je maar niet altijd je eigen mening voorop stelt en bereid bent compromissen te sluiten. Ik weet dat sommige mensen bezwaar hebben tegen compromissen. Maar zonder, kom je er niet. Op je werk kun je niet eigenwijs zijn en alleen dingen doen die jij belangrijk vindt. Dat hou je nooit lang vol. Ik vraag mensen ook weleens of een langdurige relatie er nog zou zijn zonder compromissen. In de hele maatschappij gaat het erom: hoe goed kun je samenwerken?” Annemarie weet als geen ander hoe dat moet. In haar functies als minister, als burgemeester van Almere en nu ook als Eerste Kamerlid is het altijd ‘rekening houden met’. Als Annemarie thuis is, gaat dat verder. Ze woont namelijk samen met haar man en nog twee gezinnen in één huis.

Geven en nemen
Annemarie vertelt: “Mijn man en ik wonen samen met onze twee dochters, hun mannen en totaal vier kinderen in één groot huis met drie woningen. Het is een kwestie van geven en nemen. Dat betekent onder meer dat je niet voortdurend je eigen mening vooropstelt. Ook hier moet je bereid zijn compromissen te sluiten. Het is fijn om met elkaar te wonen en dat werkt voor ons uitstekend. Het verloopt eigenlijk automatisch. Heeft de een het druk, dan helpt de ander. Dat is wederkerig. Soms worden we ingezet als oppas voor de kleinkinderen of help ik achter de bar bij de skischool van mijn dochter. Als je onder één dak woont, help je elkaar. Als iedereen z’n best doet het een beetje leuk te houden voor een ander dan kom je heel ver.”

Annemarie verduidelijkt: “Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn. Zeker niet over dingen waar je gezamenlijk niets mee hoeft.” Haar vader was molenaar en zei altijd: Laat wieken draaien en de molens loeien, laat ieder zich met zichzelf bemoeien. “Toen wij met drie gezinnen gingen bouwen, dachten we dat we veel met elkaar zouden moeten praten, maar dat valt reuze mee. Er zijn een paar basisafspraken die je met elkaar maakt. Dat is belangrijk in alles wat ik doe. In de basis moet het goed zitten en moet je elkaar kunnen vertrouwen. Als dát goed zit, kun je zonder te veel gepraat veel met elkaar regelen.”

Zelfrelativering en zelfspot
Belangrijkste in een samenwerking is dat je je ego niet voortdurend de baas laat zijn. Het is een kwestie van luisteren wat een ander wil en dan pas te kijken hoe je wat jíj wil erbij kan voegen. Dus niet alleen maar praten en zenden en zeggen wat jíj wil. Wat ik ook belangrijk vind, is dat we onszelf niet te serieus nemen. Ik houd van zelfrelativering en zelfspot. Zowel in het werk als privé is het van belang niet alles even zwaar op te pakken. Durf je zelf af en toe ter discussie te stellen, dat is heel gezond voor de mens!”

100 jaar bestaan

“Met elkaar, van elkaar en door elkaar leren”

De Nieuwste is een mavo, havo, vwo school die streeft naar een leergemeenschap. Dat betekent […]...
100 jaar bestaan

“Met plezier kun je veel bereiken”

Astrid van den Hoogenband heeft jarenlang een zwemmersgezin gerund. ‘De moeder van’ is zelf ook […]...
Nieuwsbericht

Van Spaendonck viert 100 jaar met boekpresentatie Vereniging 3.0

Dit jaar viert Van Spaendonck haar 100 jarig jubileum. Tijdens ons Zomerevent, 4 juli j.l. […]...